Subscribe to Weblog Alex Mink

Lief campagnedagboek,

Vier jaar geleden was alles beter. Toen hadden we het helemaal niet over de crisis van het kapitalisme, omvallende banken, mensen die op straat worden gekletterd en pijnlijke bezuinigingen. Nee, vier jaar geleden ging het over duurzaamheid. Het milieu was toen hip en relevant. Nu hoor je er niemand over, tenzij je er een specifiek debat over krijgt. Zoals afgelopen donderdag in Twello: volle raadszaal, leuke voorzitter – de burgemeester van Voorst in hoogsteigen persoon – maar wel verdeeld over veel te veel thema’s. Het vloog alle kanten op: van megastallen tot woningbouw, van bedrijventerreinen tot openbaar vervoer. Duurzaamheid is, ondanks het befaamde Brundtland-rapport van de VN, toch een soort containerbegrip geworden: alles past in de container, maar de container zelf kent ook z’n begrenzingen. En het ging veelal over ruimtelijke en milieuthema’s, maar op het laatst spraken we nog over bibliotheekbussen en dorpsvoorzieningen. Sociale duurzaamheid dus. Goed dat de PvdA op zulke momenten ook inziet dat je niet op zulke voorzieningen moet inhakken maar juist moet investeren. De bibliotheekbus-deal is dus een feit.

Debatten organiseren is verder een moeilijke klus. Dat bleek ook gisteravond in Wageningen. Leuke opzet, maar zet de specialisten bij elkaar en je krijgt algauw allerlei vaagtaal en beleidsdenken. CDA en CU waren er goed bedreven in om vooral te smijten met afkortingen en budgetten, terwijl de houding vooral verdedigend van toon was: jammer van die toiletten in treinen maar het is te duur, jammer van de busbaan in Wageningen maar we moeten alles nog afwegen en weten het nog niet (dat kan ook goed nieuws betekenen maar toch). De vaart vloog uit het debat door thema’s als fietsverkeer en woon-werkverkeer. Daarover bestaat zo’n beetje wel een consensus tussen iedereen en dan krijg je statements over elektrische oplaadpalen voor fietsen en buskaartjes voor bedrijventerreinen. Weinig relevant. De echte thema’s waren de toegankelijkheid van het openbaar vervoer voor ouderen en de busbaan over het complex van de Wageningse universiteit.

Over dat eerste valt veel te zeggen, en dat gebeurde ook. We kwamen al snel uit bij de toegankelijkheid van de treinstations langs de Valleilijn en de toiletproblemen. Weinig nieuws voor de zon: voor CDA en CU kunnen reizigers nog steeds de pot op, de PvdA weet het allemaal niet meer en de rest wil eigenlijk een oplossing. Op mijn actieplan om 1 miljard voor OV te steken én het opvangen van bezuinigingen op het openbaar vervoer kwam nota bene gebrom van de christelijke partijen. Hoe leggen zij het aan hun achterban op het platteland uit dat de bus steeds verder verdwijnt en de rijkste provincie van Nederland niet ingrijpt?  Het is interessant om te zien wat er kan gebeuren als de klassieke achterban uit het oog wordt verloren, en alleen het beheren van de tent de boventoon voert. Geen visie, geen betogen en geen samenhangend verhaal. Slechts de materie – wie gaat waar over, hoeveel geld is er, het is allemaal moeilijk en onmogelijk om wat te doen -  telt.  Ondertussen vraag je je af waarom je uberhaupt zou moeten stemmen als alle argumenten arrogant van tafel worden geveegd…

Dat gevoel kreeg ik ook bij de discussie over de Wageningse busbaan. Zo ook hier hoe het CDA zichzelf steeds meer in de nesten werkt en kiest voor steriele politiek: we kunnen niet terug, zo’n provinciaal inpassingsplan gaat alleen over steen en beton, het zijn lopende processen en we moeten niet op de stoel van de vervoerder gaan zitten. En juist daarom verdween de bus jaren geleden steeds verder uit Wageningen en andere steden. Politici zijn immers toch maar irrelevant: “buitenom”, in de achterkamers en werkgroepen, gebeurt het. Kiezen om vervolgens geen keuze te maken. Ik ben benieuwd wat de statenvergadering voor woensdag over de busbaan brengt maar het schijnheilige afschuiven moet ook eens afgelopen zijn.  En ja, het inpassingsplan is een ideale mogelijkheid om gemeenteraden buitenspel te zetten of om problemen af te schuiven. Want het enkele feit dat provinciale staten een “provinciaal bestemmingsplan” moet gaan vaststellen omdat de gemeente Wageningen dat jaren geleden niet aandurfde, is echt treurig!

En als echt slotakkoord: die A15 is helemaal niet relevant voor mensen in Twello of Wageningen. Bijna niemand doet boter bij de vis over werkelijke investeringen in de bereikbaarheid van Gelderland: het is altijd én-én, alles tegelijkertijd of alleen de snelweg die 1 miljard euro kost en 15 kilometer extra file veroorzaakt.

Lief campagnedagboek,

Het zijn mooie tijden. Gisteren scheen de zon in het altijd mooie Nijmegen. De middag bij NXP was welbesteed! De jongens en meisjes daar maken mooie chipjes, een wondere wereld voor echte alfa’s zoals ik. Er vielen enkele dingen op: ze zijn flink aan het slingeren met mijn alma mater de Radboud Universiteit, de hogeschool en gemeente om 1 campus van de grond te krijgen. Dat zal op sommige plekken leiden tot het schuiven met hekken en gebouwen. Nieuwe ondernemers zouden daar de ruimte kunnen krijgen om hun producten te ontwikkelen. Bovendien is de hele koppeling tussen onderwijs en praktijk erg belangrijk, maar daar wordt al veel aan gedaan. En een deel van het hek gaat letterlijk weg voor een nieuw treinstation. De aangekondigde brief met actiepunten mag bij mij op de deurmat ploffen, want er valt nog veel te doen in Zuidoost-Nederland als het om hoogwaardige bedrijvigheid gaat. En ja: in West-Europa ontwerpen we, in China bouwen we. Het is op dit punt niet anders. Uitdagingen genoeg om deze spannende sector en zulke bedrijven binnen boord te houden.

In die andere Gelderse studentenstad wachtte mij een soort thuiswedstrijd. SSR-W had een prima debat georganiseerd met aardige stellingen. Ik heb met genoegen achter de tafel gezeten. Mijn eerlijke bekentenis over linkse culturele hobby’s kon zichtbaar op een glimlach rekenen, evenals het verwijt richting de VVD dat het een stel rechtse hobbyisten zijn met hun dromen over kernenergie (wel stoer dat ze bekennen dat een overheidsrol in de energieproductie best wel nuttig is!). Een fijne avond, en ik hoop dat sommige debaters als statenlid ook zeggen wat ze die avond zeiden. De testcase zal binnenkort volgen: willen ze een nachttrein in Gelderland of niet? En het idee om een nachtbus te laten rijden vind ik wel sympathiek, maar daar spreekt de eigen ervaring…

Lief campagnedagboek,

Jij bent de komende drie weken mijn steun en toeverlaat in roerige tijden. Ik vind die roerige tijden wel fascinerend, want de concurrenten zijn bang voor die ene nieuwkomer die Heel Erg Boos is, geen subsidies meer wil geven en mensen met een hoofddoek bij de bushalte wil weigeren. En sommige concurrenten vinden het heel erg eng om op straat te komen uitleggen wat ze doen en wat ze hebben gedaan. Want je zal maar een echte kiezer tegenkomen die weet wat zo’n provincie doet, terwijl het provinciehuis toch het brandende middelpunt van de belangstelling hoort te zijn!

Maar, lief campagnedagboek, gisteravond heb ik echt genoten van al die enthousiaste jonge boeren in Didam. Dat was een soort heilig avondmaal van de rechtse boerenkerk! En als zondaar van de linkse kerk heb ik daar niet veel te zoeken. Maar de geloofsbelijdenis werd ondanks alles strak en dogmatisch verkondigd: al die enge leerstellingen moeten verdwijnen! En er komen echt geen megastallen, de schuilkerken met staatssteun voor massale vleesproductie, want de jongens en meisjes moeten kunnen uitbreiden want anders gaan ze kapot. Zo ging het de hele eredienst door: een en al smart en lijden.
En dus gaan de dominees van de rechtse boerenkerk – je zult immers zien: het zijn bijna allemaal protestanten! – tegen elkaar opbieden en beloven zij allemaal dat de boerenhemel zal worden bereikt, mits je de geloofsbelijdenis bij hun kerk komt afleggen. Dus: subsidies zijn geen probleem, je mag ongebreideld oude stallen vervangen door nieuwe stallen en er dan een muurtje extra bijbouwen, die nieuwe natuur is niet nodig en Brussel is je beste vriend. Niks geen vrije marktwerking, je krijgt zelfs staatssteun van de dominees van de rechtse boerenkerk!

Nee, de dominees van de rechtse boerenkerk zijn bevangen door de angst voor het almachtige oordeel dat de kiezer op 2 maart zal vellen. De priester van de PVV-kerk maakte het daarbij heel erg bont: nee, we willen geen subsidies maar jonge boeren kunnen best wel een cheque op het provinciehuis komen afhalen. Nee, die nieuwe natuur is allemaal volkomen onzin. Nee, Brussel is slecht maar als je geld kunt krijgen “van Europa” is dat oké. Ouderen trekken van Drees, boeren trekken van Mansholt en jonge boeren trekken van Brussel.

Tenslotte, lief campagnedagboek, heb ik wel een beetje een vreemde smaak overgehouden aan dit heilig avondmaal. Het zit zo. De PvdA-plofkip is gaan schudden en de rode veren dwarrelen alle kanten op. Het is tenslotte hún landbouwgedeputeerde die de megastallen prima vond. Maar de PvdA vindt een aparte lap grond voor plofkipfabrieken en ander spul prima: het bio-industrieterrein is in aantocht. Je gooit een paar zonnepanelen op het dak, maakt stroom van de poep en zorgt voor luchtwassers die de stank en het stof een beetje opzuigen en de heilstaat is voor de bio-industrie onder handbereik.

Hela, een mooie schop!

Gelderland maakt het verschil: de ambulances rijden vaker op tijd, elke brandweerwagen heeft een AED aan boord om hartklachten te verhelpen en in enkele grote steden rijden ambulanceverpleegkundigen op de motor om vliegensvlug eerste hulp te verlenen.

In 2007 lag er drie miljoen euro op de plank voor het beste idee om de wachttijden in noodgevallen te verkorten. Twee van de drie ambulancediensten kregen een klap geld om problemen op te lossen. Zo ging er geld naar betere planningssoftware, betere communicatie tussen ambulances en de drie regionale meldkamers in Apeldoorn, Arnhem en Nijmegen, en… naar lagere drempels en sleutels om kastjes te bedienen. Want in 2008 realiseerde een meerderheid van provinciale staten zich dat de meeste ambulancechauffeurs een bloedhekel hebben aan onneembare drempels, slagbomen die dichtblijven en verkeerslichten die te lang op rood staan.

Ondertussen werd de tijd tussen een telefoontje naar 112 en een ambulance voor de deur korter. Over de hele linie – dus alle regio’s samen – komt 93% van de ambulances op tijd. Landelijk is de afspraak om 95% op tijd te laten rijden. Missie volbracht, ook omdat de minister het dit jaar van de provincie overneemt.

Maar er zijn altijd statistieken en statistische leugentjes. Zo kunnen mensen in Elspeet en Vierhouten maar in 50% van de spoedgevallen erop rekenen dat de ambulance binnen 15 minuten verschijnt. In Aalten en Dinxperlo komt 1 op de 5 ambulances te laat. De Achterhoek scoort sowieso slecht: 80% van alle spoedritten arriveert binnen 15 minuten na melding. Maar de lijst is nog langer: de Bommelerwaard haalt 90%, mits de twee ambulances uit Zaltbommel niet allemaal op pad zijn. In Lingewaard (rond Bemmel) arriveert 88% op tijd, terwijl in buurgemeente Nederbetuwe (Kesteren, Opheusden, Dodewaard) maar 85% op tijd arriveert.

De SP stelde jaar na jaar voor om alsnog 1 miljoen euro extra uit te trekken om dit soort chronische laatkomers te voorkomen. We vroegen ook om harde eisen voor standplaatsen en aanrijdtijden in het advies over de ambulancevergunningen dat de provincie naar de minister stuurt. Maar in alle gevallen dook de overgrote meerderheid van provinciale staten weg. De provincie bepaalt binnenkort niet meer waar de ambulances staan en hoe laat ze moeten arriveren. Die bevoegdheid gaat naar de minister. De problemen gaan dus over de schutting: naar de minister van volksgezondheid die het in heel Nederland mag gaan oplossen. En CDA-gedeputeerde Esmeijer had beter moeten luisteren naar zijn partijgenoten in Nunspeet en de Betuwe. Want die stellen al jaren voor om ambulanceposten in te richten, zodat de ambulance in hun regio op tijd komt.

Prestigeprojecten waren belangrijker dan ambulances. De miljoenen voor het bestuurdersspeelgoed hadden beter besteed kunnen worden aan spoedeisende medische zorg.